zaterdag 28 maart 2015

Van die dingen....

Na een intensieve periode waarin ik al mijn vrije ochtenduren gebruikte voor studie kan ik eindelijk weer opgelucht adem halen en doen wat ik het liefste doe in vrije tijd....
Afgelopen week haalde ik mijn tweede examen (van de vier) voor de herregistratie van de BIG. En ik moet eerlijk bekennen dat het een worsteling was. Regelmatig moest ik diep in mijzelf graven waarom ik hier ook al weer aan begonnen was. Gelukkig is er ook een soort waarnemer in me, die mij liefdevol bekijkt en mij met heel veel geduld toch iedere keer een schop onder mijn reet gaf, de goede richting in!
Die Big-registratie gaat er wel komen. Ik moet nog twee verslagen schrijven, maar dat gaat mij niet zoveel energie kosten!

En dus heb ik weer tijd. Voor de deken. Waar nog zoveel draadjes aan zitten die weggewerkt moeten worden. Ik zit op de grond voor de kachel en verdwijn in de kleuren. Heerlijk!




En ik spin weer. Naast de kachel, of als het weer het toe laat, buiten! Meter na meter verdwijnt tussen mijn vingers op de klos. Twee kilo is het streven. Want dan gaat er weer geverfd worden. Voor wat? Aaah, dat weet ik nog niet. Dat is ook niet belangrijk nu....



De roden, de rozen, de oranjes en de lila's wilden niet in de deken passen. Hoe graag ik ze er ook in wilde, ze werkten zichzelf er iedere keer weer uit. Een bijzonder proces was dat. De vierkantjes lagen een beetje zielig in een mand. maar ik viste ze er weer uit. En vul ze nu aan met witten en beige's en bruinen, misschien met wat groenen. Nog geen idee wat dit gaat worden. Maar het is fijn om te haken!
Ach en eindelijk weer boeken die mijn ziel voeden. Ze zijn voor de ouderbibliotheek op school, maar eerst ga ik ze zelf lezen. En als ik ze dan te mooi vind, hou ik ze alsnog zelf....;-)  De bovenste twee boeken hebben mijn speciale interesse. Boeiend!

dinsdag 24 maart 2015

Over de kracht van liefde.

Vandaag las ik zo een prachtig verhaal dat ik hem nog verder de wereld in wil sturen.
Een mens kan kiezen!

Een waar gebeurd en wereldbekend verhaal:
In mei 1945, direct na de capitulatie van Duitsland, wordt George Ritchie als arts naar een pas bevrijd concentratiekamp gestuurd om daar de overlevenden medische hulp te verlenen. Hij ervaart wat hij in het kamp ziet, als erger dan alles wat hij zelf in de oorlog heeft meegemaakt. Soms is hij niet meer tot handelen in staat, maar zoekt alleen nog maar in de gezichten van de mensen, tot – zoals hij schrijft – “het gelaat van Christus” hem aankijkt. Zo leert hij Wild Bill Cody kennen, zoals hij door de Amerikanen genoemd wordt, een Poolse jood. In tegenstelling tot alle andere gevangenen, waarvan de meeste nauwelijks meer kunnen lopen, loopt hij nog rechtop, zijn zijn ogen helder en lijkt zijn energie onuitputtelijk. Hij fungeert als een soort tolk in het kamp, omdat hij vijf vreemde talen spreekt en hij werkt met de Amerikanen samen bij het vaststellen van de personalia van de overlevenden en de gestorvenen. Als Ritchie hem beter leert kennen, groeit zijn verbazing: “Hoewel Wild Bill Cody 15 of 16 uur per dag werkte, leek hij nooit moe. Terwijl wij geregeld totaal op waren, leek zijn kracht alleen maar toe te nemen. Uit zijn gezicht straalde medelijden met zijn medegevangenen en als ik geen moed meer had, laadde ik me op aan deze glans”.
Ritchie veronderstelt, dat Bill Cody pas heel kort in het kamp zit, maar leest tot zijn grote verwondering in de papieren dat deze daar al jaren zit. Hij merkt op dat Bill door iedereen als een vriend wordt beschouwd en bij conflicten steeds als bemiddelaar wordt gevraagd, waarbij hij partijen tot begrip van elkaar brengt en steeds aanraadt, vergeving te oefenen. Op een dag vertrouwt hij Ritchie zijn levensgeschiedenis toe. “We leefden in de joodse sector van Warschau. Mijn vrouw, onze twee dochters, drie zoontjes en ik. Toen de Duitsers onze straat bereikten, zetten zij ze allemaal tegen de muur en openden het vuur. Ik smeekte hen, met mijn gezin te mogen sterven, maar omdat ik Duits sprak, zetten ze me in een arbeidsgroep. Toen moest ik voor mezelf besluiten of ik me tegenover de soldaten, die mijn gezin hadden vermoord, over zou leveren aan haat. Het was een gemakkelijke beslissing voor me. Ik was namelijk rechter. In mijn praktijk had ik te vaak gezien wat haat aanricht in de ziel en zelfs het lichaam van mensen. De haat had zojuist de zes mensen gedood, die me het allerliefst waren op de wereld. Ik besloot dat ik de rest van mijn leven er aan wilde wijden, ieder die op mijn pad zou komen, lief te hebben.” Ritchie schrijft vervolgens: “Ieder mens lief te hebben… dat was de kracht die deze man in zo’n goede conditie had gehouden. Het was de kracht die ik voor de eerste maal in mijn ziekenhuiskamer had ontmoet, die Christus door de mens heen wil laten schijnen, of deze zich dat nu bewust is of niet.”

zaterdag 21 maart 2015

Het leven.....

Aan de rand van het bos staan enorme eiken. Ze zijn minstens zeventig jaar oud, misschien nog wel ouder.... In de afgelopen weken komen er ieder weekend twee jongens met enorme tractoren én motorzagen. Ik hoor het geknetter van de zaag, wild, woest, niets ontziend. en dan die enorme dreun. De aarde trilt en ik tril met haar mee.
In mij wordt een kolkende woede wakker, wilde tranen stromen langs mijn gezicht en voor ik het weet sta ik naast die jongens en verbied ze nog langer door te gaan met hun verwoestende arbeid....
Cynisme, hoon en een scheld kanonnade is hun antwoord.  Het deert me niet.

Het was de laatste boom die omging. Hier in het bos..... Er stonden er nog vijf op hun lijstje.
Maar onderweg door Drenthe zie ik het overal gebeuren. En ik begrijp het niet. Echt niet!

woensdag 18 maart 2015

Geluk....

Waar ik de ochtenden gebruik om te studeren en mijn hoofd te vullen met informatie, gebruik ik de middag om mijn hoofd weer leeg te maken. En ik vind niets heerlijker dan dat buiten te doen in de lentezon achter mijn spinnenwiel. Omringd door de honden, de vogels, de kippen en Koezie.
Kon het maar altijd lente zijn!
Boven de deur van dit huisje is een opening en ik zie steeds een winterkoning naar binnen vliegen. Ik denk dat hij bezig is een nest te maken en dat vind ik leuk! Ze maken hele mooie nestjes, maar het is een tijd geleden dat ik er één zag. Ik weet alleen niet of de houthakker er blij mee zal zijn, want zijn drumstel staat er in. Dat betekent een paar maanden niet drummen!
Die geranium overleefde de winter in de schuur en stond al die tijd in bloei.
Koezie neemt een uitbundig bad ;-)
Ik zie lijsters, merels, roodborstjes, koolmezen, pimpelmezen, boomklevers en de winterkoning. En bijna allemaal al in echtparen. Ik zag vier mannetjesmerels en één vrouwtje, dus die moeten de strijd nog gaan voeren. De vliegenvanger en het kwikstaartje hebben de tuin nog niet gevonden.
Pfff, wat kan ik hier gelukkig van worden. Helemaal gratis. Ik hoef echt nergens meer naar toe. Ik ben er al!

vrijdag 13 maart 2015

Het dertiende ei

op vrijdag de dertiende.
Twee keer dertien op een dag.
Wat moet ik daar nou weer van denken ,-)

s' Morgens als we Koezie uit haar nachtverblijf halen, waggelt ze in sneltreinvaart het grasveld over naar de andere kant van de tuin, om plaats te nemen op haar nest. Ze draait wat met haar billen, zit een half uur en komt er dan weer vanaf.  Zooo. Het ei is gelegd!
Als we het ei willen pakken, moeten we eerst zoeken! In het nest legt ze allemaal blaadjes, takjes en veren op het ei.... Ik vind dat zo aandoenlijk, zo liefdevol!
Ik ervaar een ei van Koezie als een persoonlijke gift aan ons, de mens.
Een liefdevolle gift!
En vandaag dus het dertiende ei. Hoe lang zal ze nog doorgaan?
Lief en Dochter bakken de eieren en eten ze met smaak op. Ik maakte er een keer een cake van. maar verder vind ik het vooral leuk om ze kado te doen.
Een Koezie gift.
Een liefdevolle gift!

In het jaar tweeduizenddertien, waarin het getal dertien wel een heel prominente rol ging spelen in mijn leven, ben ik een beetje huiverig geworden voor dertien. En nee, dat heeft niets met bijgeloof te maken. Maar met ervaren....
Het dertiende ei op vrijdag de dertiende.
WAT zal ik daar eens mee gaan doen?

woensdag 11 maart 2015

Gemetsel...

Drie jaar geleden zat er in deze zelfde nestkast ook een boomklever paartje te broeden. Toen ze uitgebroed waren kwam er begin augustus een wilde zwerm bijen in wonen. Die bijen overleefden de winter niet helaas....
Vandaag hoor ik een doorlopend getimmer. De nestkast wordt weer voorzien van een 'nieuwe' opening. De klever  vliegt af en aan met modder in zijn bek en metselt het gat van de nestkast van binnen uit beter in model.... Heel kunstzinnig hoe hij dat doet! Dat krijgen wij mensen niet voor elkaar met een beetje modder.

zondag 8 maart 2015

Vogeltjes

Wat kan ik toch onnoemelijk blij worden als ik bij thuiskomst van een wandeling mijn foto's bekijk en beet heb..... Gek eigenlijk. Als ik een vogelboek of plaatjes van vogels op het internet bekijk is dat speciale gevoel er niet. De kwaliteit van die foto's is vaak ook tien keer beter dan die van mij. Maar toch. Alsof ik de vogels eindelijk dichterbij krijg.... Ik vind het rot dat ze altijd wegvliegen als er een mens in de buurt komt. Misschien is het een oer-herinnering? Waarin de vogels gewoon op mijn hoofd en mijn schouders zaten.....
Dit vogeltje bleef trouwens gewoon op de akker zitten. Ik zag het vanuit de verte aan voor een kei....
Franciscus van Assisi, foto van pinterest
Want wat zou dat toch geweldig zijn. Geen angsten meer voor de mens vanuit de dierenwereld. Open communicatie.
Ooit.
Ooit komt het vast weer terug!
Voor nu ben ik al gelukkig met een foto!
En o ja, het is een Geelgors ;-)

zaterdag 7 maart 2015

Wolf..... 2

Als je het bos niet in gaat zal er nooit iets gebeuren en zal je leven nooit beginnen.
van het www

'Ga het bos niet in, ga niet', zeiden ze.
'Waarom niet'? 'Waarom zou ik vanavond het bos niet ingaan?' vroeg ze.
'Er woont daar een grote wolf die mensen zoals jij opeet. Ga het bos niet in, ga niet. Dat menen we.'
Natuurlijk ging ze wel. Ze ging toch het bos in en natuurlijk kwam ze de wolf tegen, precies zoals ze haar gewaarschuwd hadden.
'Zie je wel, we hebben het je gezegd,' hoonden ze.
'Dit is mijn leven, geen sprookje, domkoppen,' zei ze. 'Ik moet het bos ingaan  en de wolf ontmoeten, anders zal mijn leven nooit beginnen.'
Maar de wolf die ze tegenkwam zat in een klem, in een klem zat de poot van de wolf.
'Help me, o help me! Aiiiie, aiiie, aieee!'schreeuwde de wolf. 'Help me, o help me!' schreeuwde hij, 'en ik zal je rechtvaardig belonen.' 'Want zo gedragen wolven zich nou eenmaal in dit soort verhalen'.
'Hoe weet ik dat je me geen kwaad zult doen?' vroeg ze; het was haar taak om vragen te stellen. 'Hoe weet ik dat je me niet zult doden en me levenloos zult achterlaten?
'Verkeerde vraag,' zei de wolf. 'Je zult me op mijn woord moeten geloven.' En de wolf begon nog meer te schreeuwen en te jammeren.
'O, aiiie. Aiiie! Aiiie!
Slechts één vraag is het waard
gesteld te worden, schone maagd;
woeaaaaar
aiiiies de
zieieieieiel?'

'O arme wolf, ik zal het erop wagen. Goed dan, hier!' En ze opende de klem en de wolf trok zijn poot eruit en ze verbond deze met kruiden en bladeren.
'Ah dank je, lieve maagd, dank je' zuchtte de wolf. En omdat ze teveel verkeerde verhalen had gelezen, riep ze; 'Vooruit, dood me nu maar, dan is het tenminste voorbij!
Maar nee, dit geschiedde niet. In plaats daarvan legde deze wolf zijn poot op haar arm.
'Ik ben een wolf van een andere plaats en tijd,' zei hij. En hij plukte een wimper uit zijn ooglid, gaf die aan haar en zei; 'Gebruik deze en wees wijs. Van nu af aan zul je weten wie goed is en wie niet zo goed is. Kijk maar door mijn ogen, dan zul je scherp kunnen zien.
je hebt me laten leven,
daarom smeek ik je te leven
zoals je nooit eerder hebt gedaan.
Vergeet niet dat slechts één vraag 't waard is
gesteld te worden, schone maagd;
woeaaaar
aiiies de
zieieieiel?

En zo keerde ze terug naar het dorp,
dankbaar dat ze nog leefde.
Maar als ze nu zeiden
'Blijf maar hier en wees mijn bruid,'
of; 'Zeg wat ik wil dat je zegt,
en blijf zo onbeschreven als op de dag
waarop je ter wereld kwam.'
hield ze de wimper van de wolf omhoog
en gluurde erdoor
en zag hun drijfveren,
zoals ze die nooit eerder had gezien.
En de volgende maal
dat de slager zijn vlees woog,
keek ze door de wimper van de wolf
en zag dat hij ook zijn duim woog.
En ze keek naar haar minnaar;
die zei; 'Ik ben zo geschikt voor jou,'
en ze zag dat haar minnaar
helemaal nergens geschikt voor was.
En zo en op meerdere wijzen werd ze behoed,
niet voor alles,
maar voor veel
onheil.

Maar er was meer. Door deze nieuwe manier van zien zag ze niet alleen wie sluw en wie wreed was, maar beleefde ze ook een immense innerlijke groei, want ze bezag ieder mens en beoordeelde hem opnieuw met behulp van dit geschenk van de wolf die ze gered had.
En ze zag degenen die werkelijk vriendelijk waren
en ging naar hen toe.
Ze vond haar partner
en bleef haar hele leven bij hem.
Ze bespeurde de dapperen
en kwam nader tot hen.
Ze ontwaarde de gelovigen
en voegde zich bij hen.
Ze zag verbijstering achter woede
en haastte zich die weg te nemen.
Ze zag liefde in de ogen van de schuchteren
en stelde haar hart voor hen open.
Ze zag het lijden in wie zich stoer voordeed
en lokte hun lach uit.
Ze zag de behoefte in de man zonder woorden
en leende hem haar stem.
Ze zag vertrouwen diep in de vrouw
die nergens in zei te geloven
en wakkerde het aan met haar eigen vertrouwen.
Ze zag alle dingen
met haar wimper van de wolf,
alle ware dingen
en alle onware dingen,
alle dingen die zich tegen het leven keren
en alle dingen die zich naar het leven keren,
alle dingen die slechts gezien worden
door de ogen van wat
het hart met het hart beoordeelt
en niet alleen met de geest.

Zo leerde ze dat het waar is wat men zegt, namelijk dat de wolf de wijste van allen is. Als je goed luistert, hoor je dat de wolf in zijn gehuil altijd de belangrijkste vraag stelt - niet;, waar is het volgende maal?, waar is het volgende gevecht?, waar is de volgende dans? - 
maar de belangrijkste vraag,
waardoor je in en achter alles kunt zien,
waardoor je de waarde van al wat leeft kunt beoordelen:
woeaaaaaaar
aiiiies de 
zieieieiel?
Woeaaaaaar
aiiies de 
zieieiel?
Waar is de ziel?
Waar is de ziel?

The Wolf 's Eyelash door Clarissa Pinkola Estés
Uit: De Ontembare Vrouw

Wolf

Droom;

'Ik ben een wolf en leef in een grote roedel wolven in het woud. De roedelleider zet de aanval in op een groep ganzen. De ganzen zijn allemaal gekortwiekt en kunnen niet wegvliegen. Binnen korte tijd is het een bloedbad. Ik moet meedoen, maar ik wil het niet. Ik hou van ganzen........'


Je zal maar tien zijn en bij het wakker worden opgelucht ademhalen omdat je je herinnert dat je een mensenkind bent.
Maar hoe lang duurt die opluchting?